De moderne Vrijmetselarij is een uitkomst van de Verlichting en ontstond rond het midden van de 17e eeuw. De oorspronkelijke Loges waren waarschijnlijk voortgekomen uit bouwgilden, wat de naam "vrijmetselaren" verklaart.
Symbolen zoals de passer, winkelhaak en het schietlood vonden hun oorsprong ook in deze gilden. Net als in het gildewezen, doorlopen de meeste loges de "blauwe graden", vergelijkbaar met de stadia van leerling, gezel en meester.
In 1717 werd de eerste Grootloge, ook wel "Orde" genoemd, in Londen opgericht. Vanuit die stad verspreidde de vrijmetselarij (toen alleen voor mannen) zich over Europa en de wereld.
In Nederland ontstond de eerste Grootloge in 1756, later bekend als de Orde van Vrijmetselaren voor mannen. De eerste gemengde Loge, behorend tot de Internationale Orde der Gemengde Vrijmetselarij 'LE DROIT HUMAIN', verscheen in 1905.
De Nederlandse Grootloge der Gemengde Vrijmetselarij (NGGV), waar onze loge deel van uitmaakt, werd opgericht in 1960. De NGGV telde tot 2025 acht loges, elk met een eigen karakter, in Gouda (2 loges), Den Haag, Delft, Amstelveen, Utrecht, Breda en Leiden. Per medio 2025 zijn nog zes loges actief in Gouda, Delft, Amstelveen, Utrecht, Breda en Leiden.